logo

De onzichtbare kosten van goedkope kleding

Klassiek voorbeeldje euroknaller is de Primark. Waar je bij binnenkomst bijna struikelt over de boodschappentassen van 1 bij 1 meter. Je kunt ze volladen met kilo’s goedkope fast fashion, zoals zomerse jurkjes en hippe croptops. Voor 20 euro loop je met een tas vol de winkel uit. Geen geld. Toch?

We kopen 60% meer kleding ten opzichte van 15 jaar geleden. Niet gek, want een nieuw kledingstuk van 10 euro was toen in de winkel niet te vinden. Nu is het de standaard. De gemiddelde Nederlander koopt per jaar 46 nieuwe kledingstuks voor gemiddeld zo’n 16 euro per stuk, blijkt uit onderzoek van de Hogeschool Amsterdam.

Maar wat is nou de échte prijs die we betalen voor die top van 3 euro?

Wat je niet ziet achter die mooie instagram foto; de ecologische voetafdruk van de kledingindustrie. Die is enorm; verantwoordelijk voor 10% van de wereldwijde CO2 uitstoot. Eén spijkerbroek kost gemiddeld 8000 liter water. (121 douchebeurten) 7500 liter wordt gebruikt voor de productie van het katoen. De overige 500 liter voor het afwerken van het product. Dus bleken, verven, printen. Om een katoenen T-shirt te maken heb je 2700 liter water nodig. Dit drinkt de gemiddelde mens in 3 jaar.

De katoenindustrie is dus een nog grotere zuiplap dan de gemiddelde AA-bezoeker. Verschil alleen is dat hier, op uitzondering van een klimaatmars, geen interventie wordt gehouden. Neem even een denkbeeldig kijkje in jouw eigen kledingkast. Al die katoenen shirts en denim items. Hoe nat is jouw kledingkast?

“Als je t-shirt goedkoper wordt dan een kopje koffie, moeten we onszelf achter de oren krabben.”

Gezien het feit dat de Primark alleen maar groeit, kunnen we stellen dat weinig mensen de ernst van het probleem (in)zien. Eerlijk is eerlijk. Niet lang geleden droeg ook ik bij aan vrij uitbundig shopgedrag, niet wetende wat voor gevolgen de fast-fashion ketens hebben op onze wereld. Hoe meer ik op onderzoek uit ga, hoe groter de drang wordt het patroon te doorbreken.

De Aral Zee: van glorieus meer naar giftige woestijn

De Aral Zee was ooit het vierde grootste meer ter wereld en strekte uit over de grens van Kazachstan en Oezbekistan. Tot Oezbekistan in de jaren 60 het dorstige gewas katoen ging telen. De landbouwgiffen van de fabrieken hebben de afgelopen jaren voor flink wat vervuiling gezorgd. Eindstand: het voormalig glorieuze zoetwatermeer, dat eens heel Rusland voorzag van vis, is nu grotendeels een giftige woestijn ten grote van België geworden. De afbeeldingen hieronder, afkomstig van NASA, laten het verschil zien tussen de situatie in 2000 (links) en 2014 (rechts). Overigens, in 1989 was ie nog helemaal groen.

De opdroging van het meer heeft grote gevolgen voor het milieu, maar ook voor maatschappij. De visserij is verdwenen, waardoor er veel werkloosheid heerst in het gebied. En door de hevige zandstormen die een enorme hoeveelheid zout en zand, kilometers vervoeren, lopen omwonenden ernstige gezondheidsproblemen op.

Ander voorbeeld; in China hebben ze vrijwel geen drink- of douchewater meer, omdat al het chemische afval van de katoenfabrieken in de rivieren wordt gedumpt. We hebben het nog niet eens gehad over de uitbuiting van arbeiders die dagelijks met de giftige chemicaliën werken en zo hun kans op kanker veelvuldig vergroten. Of voor een hongerloontje vele uren overwerken en amper rondkomen. Of in onveilige gebouwen werken die ieder moment kunnen instorten. Do we need to say more?

Ver van ons bed show

De productie van onze kleding is in de jaren 70/80 verschoven naar Azië, waardoor het misschien een ‘ver van ons bed show’ lijkt. Maar de enorme problematiek die onze goedkope kleding met zich meebrengt, daar kan niemand meer omheen. De belangrijkste vraag is eigenlijk; wil je er nog omheen?

Dat we in zo’n grote sector zomaar het roer omgooien is een illusie, maar het besef dat er een wereld verborgen gaat achter dat leuke topje is al winst. Iemand betaalt de prijs voor jouw goedkope fashion-item. Zullen we iets beter nadenken voor we die tassen weer vol laden?

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: